BUSCOPAN is gecontra-indiceerd in geval van: - Overgevoeligheid voor de werkzame stof (butylhyoscine bromide) of voor één van de in "Samenstelling" vermelde hulpstoffen. - Prostaatadenoom, prostaathypertrofie met urineretentie, niet behandeld gesloten-hoek-glaucoom, pylorobulbaire stenose, intestinale atonie, tachycardie, mechanische maagdarmobstructie, myasthenia gravis en megacolon. BUSCOPAN is tegenaangewezen bij kinderen jonger dan 1 jaar. Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als fructose-intolerantie, glucose-galactose malabsorptie of sucrase-isomaltase insufficiëntie, dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken. Omwille van het risico op een intramusculair hematoom, mag BUSCOPAN oplossing voor injectie niet toegediend worden via intramusculaire injectie bij patiënten die behandeld worden met anticoagulantia. Bij deze patiënten gebeurt de toediening via subcutane of intraveneuze weg.
Spasmen van het spijsverteringskanaal, de galwegen, de urinewegen en de genitaliën: galkolieken, nierkolieken, spastisch colon, slokdarmspasmen, maagspasmen, spasmen bij diarree of gastro-enteritis.
Volwassenen en kinderen > 6 jaar Gebruikelijke dosering: 1 ampul, eventueel verschillende malen per dag te herhalen Maximale dosering bij volwassenen en adolescenten: 5 ampullen per 24 uur Maximale dosering bij kinderen: 1,5 mg/kg/24 uur Kinderen van 1 jaar tot 6 jaar Gebruikelijke dosering: 1 mg/kg/24 uur Maximale dosering: 1,5 mg/kg/24 uur Toedieningswijze S.C., I.M. of I.V
Welke stoffen zitten er in dit middel? De werkzame stof in dit middel is: Butylhyoscine bromide 20 mg/1 ml De andere stoffen in dit middel zijn: Natriumchloride (zie rubriek 2 "Buscopan bevat") Water voor injectie.